![]() |
EEN OVERZICHT
Reizen
Als gereisd gaat worden met trein of vliegtuig moet ruim van tevoren worden gekeken
naar de vervoersvoorwaarden voor hond of kat.
Zo moet vaak voor bepaalde modellen transportkooien worden gezorgd, en stelt een maatschappij bovendien vaak eisen aan grootte of gewicht van het huisdier.
Bij vliegreizen moeten dieren soms lang van tevoren naar het ´dierenhotel´ op Schiphol worden gebracht en het kan nodig zijn om te zorgen voor kalmerende medicijnen.
Tenslotte moet er rekening mee worden gehouden dat de kosten voor het meenemen van een huisdier relatief hoog kunnen zijn.
Wanneer gereisd wordt met de auto moet voor huisdieren een plek worden ingeruimd die
niet alleen voldoende ruimte biedt, maar ook zo veilig mogelijk is in geval van een eventuele noodstop. Sommige dieren hebben last van wagenziekte, maar in overleg met de dierenarts kunnen daarvoor passende tabletten worden gebruikt.
Het grootste directe gezondheidsrisico in de auto is echter oververhitting.
Honden en katten zijn voor hun warmteregeling afhankelijk van verdamping via de tong (d.m.v. hijgen) en kunnen niet transpireren.
In een kleine ruimte zoals een auto kunnen honden en katten relatief snel oververhit raken,
met als ernstigste gevolg een vaak fataal aflopende hitteberoerte.
Zorg dan ook voor voldoende ventilatie en laat huisdieren nooit in de auto achter, ook niet als het naar menselijke maatstaven niet zulk warm weer lijkt te zijn.
Vaccinaties en documenten
Wanneer een huisdier wordt meegenomen naar het buitenland is het verplicht om minimaal
30 dagen voor vertrek een inenting te laten geven tegen hondsdolheid (rabiës).
De maximale geldigheidsduur van deze vaccinatie is 1 jaar, maar sommige landen hanteren andere termijnen.
Dierenartsen hebben de beschikking over een lijst waarop per land de invoervoorwaarden staan vermeld en het is verstandig om ruim van tevoren vast even hiernaar te informeren.
Deze lijst wordt regelmatig bijgewerkt en bevat ook informatie over bijkomende invoervoorwaarden.
Zo is het voor veel landen voldoende wanneer de dierenarts de gegevens over de
rabiësenting invult in het normale vaccinatiepaspoort, samen met de in dit paspoort opgenomen gezondheidsverklaring.
Maar het kan ook zijn dat een extra gezondheidsverklaring nodig is die enkele dagen voor
vertrek moet worden afgegeven.
Bovendien stellen sommige landen aparte eisen aan de taal waarin verklaringen gesteld moeten zijn.
Voor een aantal - voornamelijk buiten Europa gelegen - landen is het noodzakelijk om
inentingsbewijzen en gezondheidsverklaringen te laten legaliseren door de RVV en soms ook door het consulaat van het betreffende land.
Tenslotte gelden voor o.a. Engeland, Scandinavië, Australië en Nieuw-Zeeland aparte en
zeer uitgebreide procedures, waarvan onder meer invoervergunningen, bloedonderzoeken en allerlei diergeneeskundige verklaringen deel uitmaken.
Indien huisdieren worden meegenomen naar een van deze landen is het verstandig om
zeker een half jaar van tevoren dit al met de dierenarts te bespreken. 
Dieet en medicijnen
Wanneer een hond of kat dagelijks medicijnen moet innemen of op een speciaal dieet staat moet
een voldoende grote voorraad daarvan worden meegenomen.
Het is lang niet altijd zeker dat dierenartsen in het buitenland over dezelfde producten beschikken.
Houd ook rekening met de bewaarmogelijkheden op reis en op de
vakantiebestemming: vooral afwijkende temperatuur en luchtvochtigheid kunnen de kwaliteit van medicijnen of dieet zeer negatief beïnvloeden.
Neem bij twijfel dan ook contact op met de dierenarts die daarover passende adviezen kan
geven.
Zorg ervoor dat naam en dosering van medicijnen goed leesbaar op de verpakking staan en vraag de dierenarts eventueel om een passende vertaling zodat er bij onverwacht
dierenartsbezoek in het buitenland geen misverstanden kunnen ontstaan.
Bij huisdieren met een wat uitgebreidere ziektegeschiedenis is het verstandig een korte
samenvatting daarvan mee te nemen: indien mogelijk in de taal van het vakantieland maar in ieder geval in het Engels.
Tenslotte is het altijd verstandig om van tevoren met de dierenarts te overleggen of reeds
bestaande aandoeningen niet zouden kunnen verergeren door het reizen of bijv. door de klimatologische omstandigheden in het land van bestemming.
Ziektepreventie
Wanneer huisdieren worden meegenomen naar het buitenland kunnen zij besmet raken met bepaalde parasitaire aandoeningen die daar inheems zijn, maar in Nederland niet aanwezig
zijn. Hoewel nooit alle risico´s weggenomen kunnen worden zijn er inmiddels voor de drie belangrijkste aandoeningen die ten zuiden van ons land voorkomen redelijke tot goede preventieve mogelijkheden.
Het gaat daarbij om hartworm, babesiose en leishmaniose.
Het is dan ook zeer belangrijk om de benodigde en beschikbare maatregelen tijdig met de dierenarts te bespreken; een goed moment daarvoor is het bezoek i.v.m. de voor het
buitenland noodzakelijke rabiësvaccinatie.
Hartworm:
Verschijnselen en preventie
De belangrijkste hartworm, die luistert naar de naam Dirofilaria immitis, zorgt in Europa voor steeds meer problemen.
Beneden de lijn Parijs - Milaan komt deze infectie inmiddels overal voor met de hoogste besmettingscijfers in riviergebieden als de Po-vlakte in Italië en de Rhône-delta in Frankrijk.
Maar eigenlijk is geen enkel gebied in de zuideuropese landen volledig vrij van hartworm. Honden en katten raken als ze worden gestoken door bepaalde muskietensoorten besmet
met de larfjes van deze hartworm. Dergelijke larfjes worden microfilariën genoemd.
Binnen enkele maanden kunnen die larfjes uitgroeien tot volwassen wormen van meer dan 20 cm. lang die verblijven in het hart of in de longslagaders.
Deze volwassen wormen produceren vervolgens niet
alleen weer duizenden nieuwe larfjes maar zorgen ook voor ernstige klachten.
Er kunnen soms wel tientallen wormen aanwezig zijn die bovendien jarenlang in leven blijven.
Wanneer met bepaalde middelen geprobeerd zou worden die wormen te doden (zoals we gewend zijn te doen bij bijvoorbeeld lintwormen en spoelwormen) kunnen er gevaarlijke complicaties ontstaan.
Bij het doden van hartwormen kunnen namelijk wormrestanten in de bloedbaan gaan circuleren en zo zorgen voor een levensbedreigende ´embolie´.
Deze restanten lopen vast in kleinere bloedvaten waardoor de bloedvoorziening van
bepaalde weefsels blokkeert en er infarcten kunnen ontstaan.
Daarom geldt hier nog sterker als anders het bekende gezegde: voorkomen is beter dan genezen.
In die gebieden waar met hartwormlarfjes besmette muskieten leven is het dan ook essentieel om honden en katten preventief te behandelen.
En omdat je nooit kunt voorkomen dat huisdieren worden gestoken door muskieten gebruikt men daarvoor dus middelen die er voor zorgen dat alle hartwormlarfjes die het
lichaam binnenkomen meteen worden gedood voordat ze kunnen uitgroeien tot volwassen worm.
Deze preventie is niet alleen belangrijk voor honden en katten die in besmette gebieden
leven maar ook voor dieren die daar op vakantie met hun eigenaren naar toe gaan.
En aangezien de besmetting voorkomt in veel van de meest populaire vakantiegebieden is
het bijzonder makkelijk dat dierenartsen in Nederland nu de beschikking hebben over een geregistreerd middel om honden en katten veilig (en 100% effectief!) te beschermen tegen infecties met hartworm.
Het middel Stronghold (werkzame stof selamectine) is een zgn. spot-on product dat op de huid wordt
toegediend en bijzonder goed wordt verdragen.
Bovendien is het niet alleen werkzaam tegen de larfjes van de hartworm: het is ook een zeer effectief middel tegen o.a. vlooien, spoelwormen en bepaalde mijten.
Dus wanneer Stronghold in de vakantie wordt ingezet om hartwormbesmetting te voorkomen worden hond en kat tegelijkertijd ontwormd en vlovrij gehouden. Nadere informatie is beschikbaar bij de dierenarts maar ook op www.pfizerah.nl
Babesiose:
Verschijnselen en preventie
Babesiose is een bloedziekte die veroorzaakt wordt door een parasiet die in de rode
bloedcellen leeft - Babesia canis.
Bepaalde tekensoorten vormen de overbrenger van de infectie, zodat het risico om besmet te worden gebonden is aan het gebied waar deze besmette teken voorkomen.
Vroeger ging het daarbij alleen om het Middellandse Zee gebied, maar inmiddels heeft gestage uitbreiding naar het Noorden plaatsgevonden.
De rand van het gebied ligt momenteel ongeveer ter hoogte van de Belgisch-Franse grens,
maar er zijn recent ook al besmettingen gemeld die ontstaan zijn in België.
Katten zijn niet gevoelig voor deze infectie, maar honden worden ernstig ziek.
Er vindt een snelle bloedafbraak plaats en de urine wordt vaak rood tot roodbruin van kleur door de uitscheiding van afvalstoffen van deze bloedafbraak.
Daarnaast krijgen de dieren o.a. hoge koorts.
Er zijn medicijnen beschikbaar, maar desondanks is het sterfterisico groot.
Om dergelijke problemen te helpen voorkomen zijn er in grote lijnen twee mogelijkheden:
tekenbestrijding en vaccinatie. Om met het laatste te beginnen: er bestaat een vaccin tegen babesiose dat ook in Nederland op de markt is.
Het is echter erg duur en sommigen zetten vraagtekens bij de werkzaamheid en de
veiligheid. Het kan zeker een bijdrage aan de preventie leveren maar de dierenarts beschikt over alle informatie om per geval een afweging te kunnen maken of vaccinatie al of niet zinvol is.
Een goede tekenbestrijding is essentieel maar helaas niet altijd even makkelijk.
Er zijn diverse middelen beschikbaar, o.a. sprays, spot-on´s en banden, de effectiviteit is niet 100%.
Vooral het tempo waarin een eenmaal aangehechte teek dood gaat speelt daarbij een rol.
Het duurt naar wordt aangenomen minimaal 24 uur voordat een teek na zich te hebben
vastgebeten de Babesia parasiet in het lichaam van zijn slachtoffer gaat uitscheiden.
Omdat niet alle teken altijd binnen die 24 uur gedood zullen worden is het belangrijk om zichtbare teken direct te verwijderen.
Bij de dierenarts zijn speciale tekenpincetten verkrijgbaar waarmee een teek simpel en veilig verwijderd kan worden.
Vooraf verdoven van de teek is niet nodig, en kan zelfs een risico inhouden omdat de teek
als reflex extra maagdarminhoud in het lichaam van zijn slachtoffer kan spugen.
Door de combinatie van een anti-tekenmiddel en het consequent verwijderen van zichtbare
teken (eventueel aangevuld met een vaccinatie) kan het risico om babesiose op te lopen zeer sterk worden verkleind.
Het blijft echter aan te raden om bij verdachte symptomen direct een dierenarts te bezoeken.
Leishmaniose:
Verschijnselen en preventie
Leishmaniose wordt veroorzaakt door de parasiet Leishmania donovani, een infectie die
binnen Europa in toenemende mate wordt aangetroffen in de landen rond de Middellandse Zee.
Overbrengers van de parasiet zijn zandvliegjes van de soort Phlebotomus: het gebied waar
dieren besmet kunnen raken is dus gebonden aan het voorkomen van deze zandvliegjes.
Honden (en soms ook mensen) zijn gevoelig voor de parasiet, bij katten worden nauwelijks problemen gezien.
Het kan geruime tijd duren voordat een besmette hond daadwerkelijk verschijnselen gaat vertonen: minimaal een maand, maar soms wel vele jaren.
Er bestaat een huidvorm van de ziekte en een algemene vorm. Mogelijke
huidverschijnselen zijn schilfering, kaalheid, kleine korstjes en soms wat grotere knobbels in de huid.
Jeuk treedt daarbij vrijwel nooit op.
Bij de algemene vorm worden ook inwendige organen aangetast zoals lever, milt en nieren.
Er bestaan enkele medicijnen tegen de parasiet, maar bijwerkingen komen regelmatig voor.
Bovendien leidt behandeling zelden tot genezing - hoewel de problemen vaak een tijd lang onder controle gehouden kunnen worden zijn de uiteindelijke vooruitzichten slecht.
Een vaccin tegen de ziekte bestaat nog niet, dus de enige preventie is er voor te zorgen dat honden niet door zandvliegjes worden gebeten.
Overdag houden deze zandvliegjes zich verscholen, maar rond zonsondergang komen zij te
voorschijn; het kan dus zinvol zijn honden vanaf dat moment zo veel mogelijk binnen te houden. Daarnaast heeft de dierenarts tekenbanden beschikbaar die ook bescherming bieden tegen zandvliegjes.
© Tekst en afbeeldingen: Dierenartsenonline-Pfizer