dierennieuwsonline

< Nieuws BLAUWTONG

Mkz grote bedreiging schapensector

Schapen in Nederland kunnen op dit moment geen kant op.


Niet de dierziekte blauwtong, maar mond-en-klauwzeer vormt op dit moment een bedreiging voor de Nederlandse schapensector.
Waar het vervoersverbod voor runderen en varkens is opgeheven, mogen schapen alleen nog maar rechtstreeks naar de slachterij worden gebracht.
De dieren mogen niet meer van het ene perceel naar het andere worden getransporteerd, laat staan van bedrijf naar bedrijf.
Schapenhouders raken hierdoor flink in de knel.
       
Blauwtong is al bijna niet meer weg te denken.
De ziekte wordt overgedragen door ’knutten’: bloedzuigende en stekende insecten.
De virusziekte veroorzaakt hoge koorts en ontstoken lippen, tong, oren en oogleden bij schapen, geiten, koeien en andere herkauwers.
De dieren kunnen eraan sterven, maar veelal overleven ze de ziekte.
Het virus dat vorig jaar voor het eerst in Nederland opdook, heeft deze zomer al ten minste 187 bedrijven besmet. 
Om verspreiding van het virus tegen te gaan, zijn allerhande maatregelen genomen. Zo zijn een 20 kilometergebied en een beperkinggebied ingesteld waarbinnen beperkt vervoer mogelijk is. Niet echt handig voor de schapenboeren, maar gezien de omstandigheden nog wel werkbaar. 

De uitbraak van mkz in Engeland heeft deze maatregelen echter ’overruled’.
Omdat mond-en-klauwzeer bij schapen moeilijk op te sporen is, mogen zij niet worden vervoerd. Het kan immers zijn dat een dier ziek is terwijl de symptomen nog niet zichtbaar zijn.
Aangezien mkz zeer besmettelijk is, zijn de gevolgen in dat geval niet te overzien: veel dieren kunnen de ziekte al onder de leden hebben gekregen en het verder hebben verspreid.
      
Verder is het zo dat de schapensector nog geen identificatie- en registratiesysteem heeft. „Zo’n systeem kost ontzettend veel geld”, laat een kenner weten.
„Koeien hebben al lang zo’n systeem, maar de marge op een koe is veel groter dan op een schaap. Omdat een i&r-systeem ontbreekt, zijn individuele schapen niet makkelijk te traceren.
Bij de bestrijding van mkz is het kunnen opsporen van de stal waar het besmette schaap vandaan kwam en de ziekte begonnen is, van levensbelang.”
Schapenhouders raken door het vervoersverbod steeds verder in de knel.
Het dekseizoen begint voor een aantal boeren en de rammen moeten naar de ooien toe. Verder is het zo dat schapenhouders veel verspreid liggende percelen hebben.
De schapen moeten, als een weide is kaalgevreten, naar een andere locatie worden gebracht. Er zijn voor sommige gevallen wel ontheffingen mogelijk, maar dat is erg omslachtig.
      
Een aantal schapenhouders is al begonnen met het bijvoeren van hun dieren, wat extra geld kost. De bestrijdings- en monitoringskosten van blauwtong lopen ook fors in de papieren en door de uitbraak van blauwtong vorig jaar zijn de dieren al flink in waarde gedaald.
      
Gehoopt wordt dan ook op een snelle versoepeling van de maatregelen, zodat schapenbedrijven toch nog iets van een normale bedrijfsvoering kunnen hebben. Op die manier kunnen ze toch nog zwarte cijfers schrijven.
      
Nederland telt rond de 4500 schapenhouders. Voordat de dierziekte blauwtong uitbrak, transporteerde de schapensector 500.000 dieren naar Frankrijk en Spanje.